Na hartinfarct en kanker is beroerte of herseninfarct de derde doodsoorzaak in ons land en de rest van de geïndustrialiseerde wereld. Elke dag sterven in ons land meer dan twintig en in Nederland dertig mensen aan beroerte. In heel de Europese gemeenschap is dat meer dan een miljoen beroertes per jaar, waarvan niet iedereen overlijdt. Gelukkig is het aantal sterfgevallen aan het afnemen, dankzij snelle en meer doeltreffende interventies. Jammer genoeg daalt het aantal hersenaccidenten niet!

Beroerte is nog altijd een belangrijke oorzaak van handicap of dood in de geïndustrialiseerde wereld.

Vaak zijn er voortekenen. In zo’n 20% tot 40% van de gevallen wordt een beroerte voorafgegaan door kortdurende verschijnselen. Deze verschijnselen noemen we TIA’s (Transient Ischaemic Attack). Zij zijn het gevolg van een tijdelijk zuurstoftekort in de hersenen. Deze TIA’s kunnen zich soms meerdere malen herhalen voordat een beroerte ontstaat. Een TIA herkent u als volgt:

  • Wartaal spreken, niet meer uit de woorden kunnen komen of moeilijk spreken;
  • Dubbelzien of blindheid van één oog;
  • Eenzijdig krachtverlies of verlamming van een arm en/of been;
  • Een scheeftrekkend gezicht, afhangende mondhoek;
  • Hevige draaiduizeligheid, coördinatie- en/of evenwichtsstoornissen.

Als één van deze verschijnselen zich voordoet, is het verstandig je arts te raadplegen. Een TIA komt altijd plotseling, duurt meestal maar 20 minuten en is binnen 24 uur volledig verdwenen. Een TIA wordt lang niet altijd gevolgd door een beroerte. Gemiddeld één van de drie mensen met een TIA krijgt binnen vijf jaar echter wel een beroerte.

Beroerte kan zich op vele manieren manifesteren, maar de meest voor de hand liggende verschijnselen zijn:

  • een voos of doof gevoel in een van de ledematen of lichaamsdelen, met verlamming van een arm, een been, het gezicht, verlies van geluid aan één oor. Meestal manifesteren de problemen zich aan één kant van het lichaam. Men spreekt dan ook van hemiplegiekers (eenzijdig verlamde patiënten) omdat de hersenhelften afzonderlijk functioneren en andere delen van het lichaam bedienen.
  • Moeite met het spreken of slechts laattijdig vatten wat er wordt gezegd.
  • Moeilijk zien, een wazig of dubbel beeld, blindheid aan één oog.
  • Ernstige hoofdpijn zonder dat er een duidelijke oorzaak of aanleiding toe is.
  • Problemen met slikbewegingen.

Al enkele seconden nadat de bloedtoevoer op een hersengedeelte is afgesloten, kunnen verschillende aandoeningen optreden. Snel reageren is een must om zoveel mogelijk restschade te voorkomen. Hoe langer het duurt vooraleer de doorbloeding kan hersteld worden, des te groter kan de schade worden en ook het herstel kan daardoor verlengd worden.
Soms kan je het wel zien of voelen aankomen. Soms is dit slechts enkele minuten, soms een etmaal van tevoren. Als er blijvende hoofdpijn is, als men moeite krijgt met spreken of gevoelsverlies merkt op een of ander lichaamsdeel is het de hoogste tijd om te reageren, want hoe langer of vollediger een zenuwgedeelte van de hersenen zonder bloed blijft, des te groter is de kans op blijvende schade.